1001 Gedichten

1001 gedichten

Zet ook uw gedichten op 1001Gedichten.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

vorige gedicht

Horatius' Lied - III 26.

In den Tempel van Venus Marina.

Onlangs nog leefde ik de meisjes waardig
en diende ik als soldaat niet zonder glorie;
de wapens en den dood door oorlog
-- mijn lier -- zal deze muur nu hebben,
die de linkerzij van de Venus Marina
bewaakt. Hier, plaatst hier de lichtende
fakkels en de hefbomen en de dreigende
pijl-en-bogen gericht op vleugeldeuren.

O Godin, Die heerst over het rijke Cyprus
en Memphis vrij van Thracische sneeuw,
Koningin, raak met uwe verheven zweep
éénmaal Chloë die verwaande !!



Vertaling: 白狐 [Witte Vos.]

NB: Venus Marina = de uit de zee opgestegen Venus

> Aphròditè ["a-FRÒ-die-tie"]

NB2: Chloë ["KHLÒ-wie" (Bach) of "KLÒ-wie"] =
"(het) jonge groen", "(de) jonge scheut".

HORATII CARMEN - III 26:

VIXI puellis nuper idoneus
et militavi non sine gloria.
nunc arma defunctumque bello
barbiton hic paries habebit,
laevum Marinae qui Veneris latus
custodit - hic hic ponite lucida
funalia et vectes et arcus
oppositis foribus minaces.

O Quae beatam Diva tenes Cyprum et
Memphin carentem Sithonia nive,
Regina, sublimi flagello
tange Chloen semel arrogantem.

_ _ _

NOTITIES
:

ik-leefde voor-meisjes onlangs waardig/bekwaam
en ik-diende-als-soldaat niet zonder glorie/roem
nu wapens (acc.) de-dood(=acc.)-ook door-oorlog
(mijn/mijne-) lier deze muur hebben-zal
linker van-de-Zee die van-Venus zij(de)
[>> qui laevum latus Veneris Marinae]
bewaakt/beschermt - hier hier plaatst (imp.) licht(-end)-e
(was-)fakkels en hefbomen/koevoeten en (pijl-en-)bogen
naar-tegenoverliggende-vleugeldeuren dreigende.

O Die (pluralis majestatis) gezegende (acc.) Godin (nom.)
__ U/jij-houdt/beheerst Cyprus (acc.) en
[>> O Diva Quae tenes beatam Cyprum et]
Memphis (Griekse acc.) vrij-van (acc.)
__ Sithonische(=Thracische) (abl.) sneeuw (abl.)
Koningin (met)-verheven-zweep/gesel (abl.)
raak (imp.) Chloë (Griekse acc.) éénmaal (de) arrogante (acc.).
_ _ _

Bron: "AERE PERENNIUS" [?? > (DE) AERE PERENNI],
scherts en ernst in de oden van Horatius,
door C.P. Burger Jr.(1926), blz. 96,
"In den Tempel van Venus Marina (III 26)".

Alsook: "Q. HORATI(I) FLACCI CARMINA" recensuit
Fredericus Vollmer. (Editio Minor) MCMXVII (1917).
[Er zit een drukfout in > laevom > laevum.]

vorige gedicht
Toevoegen aan favorieten

Ingezonden door

Geplaatst op

Geef uw waardering

Op basis van 3 stemmen krijgt dit gedicht 2 van de 5 sterren.

Tags

Dienstplicht Horatius Latijn Liefde Oorlog Venus

Reacties op ‘Horatius' Lied - III 26.’

Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit gedicht, een reactie plaatsen kan hieronder!

Reageren

We gebruiken uw gegevens alleen om te reageren op uw bericht. Meer info leest u in onze Privacy & Cookie Policy.

Wilt u direct kunnen reageren zonder elke keer naam en e-mailadres in te voeren? Meld u hier aan voor een account!