vorige gedicht
volgende gedicht
vorige gedicht
volgende gedicht
Zonnig
Buiten scheen de zon,
Ze zou naar buiten willen als dat kon.
Ze wilde de wind voelen.
Door haar haar te woelen.
Stil glijd ze op de koude grond.
Er ontsnapt gesis uit haar mond.
Zacht loopt ze naar het raam,
Zullen we nu gaan zo saam?
Ze is nu buiten, en voelt de wind.
Met een haar haren in een mooie lint.
Met een jurk van puur satijn.
Dat gaf haar een mooie lijn.
Met haren van vol goud.
Ze weet niet dat ik van haar houd.
Reacties op ‘Zonnig’
Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit gedicht, een reactie plaatsen kan hieronder!
