vorige gedicht
volgende gedicht
vorige gedicht
volgende gedicht
Sporen op de trap
Onderaan de trap liggen twee schoenen naast elkaar,
maat veertig en tweeënveertig
Eén lijkt meer op een klein laarsje met een verhoogde hak,
niet gedachteloos achtergelaten, hun hakken naar de trap gericht
Bovenaan de trap een blauwe sjaal,
gevouwen tot een driehoek,
de kleurige franjes netjes gerangschikt.
Daarbovenop twee handschoenen, één iets groter
Reacties op ‘Sporen op de trap’
Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit gedicht, een reactie plaatsen kan hieronder!
