Innerlijke gevangenschap
Op de binnenplaats van het paleis,
ligt een plasje bont gekleurd regenwater
Hierop drijven enkele mimosablaadjes,
die voortdurend achtvormpjes beschrijven
Er is nu niemand op het plein,
dat gisteren met een takkenbezem is schoongeveegd
In de koningszaal zit de koning op zijn houten zetel,
waar houtwormpjes een veilig onderdak hebben gevonden
Omdat de vloer wat scheef loopt,
glijdt de stoel steeds wat naar achteren
In zijn gouden kroon is regenwater gelopen,
dat nu in kleine straaltjes over zijn voorhoofd
en achter zijn oren stroomt
Het schijnt hem niet te deren
In zijn ogen schuilt een stille weemoed,
terwijl hij naar de regen buiten staart
Druppels tikken zacht op het gebroken raam,
als tranen die hij nooit in woorden heeft gevangen
Zijn gedachten dwalen naar tijden van weleer,
toen het hof nog vol leven en pracht was
Nu heerst er enkel stilte en herinnering,
een koning gevangen in zijn eigen macht
Ingezonden door
Paul Duyvesteyn
Geplaatst op
15-09-2024
Geef uw waardering
Op basis van 0 stemmen krijgt dit gedicht NAN van de 5 sterren.Tags
KoningReacties op ‘Innerlijke gevangenschap ’
Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit gedicht, een reactie plaatsen kan hieronder!
