Naklanken
Ik hoor een trompettist spelen,
het geluid lijkt vanachter de horizon te komen
De melodie danst mee met de af- en aanzwellende wind
Als ik naar voren loop, neemt het geluid af,
maar naar achteren lopend, zwelt het juist aan
Deze tegenstrijdigheid begrijp ik niet,
zoals ik zoveel tegenstrijdigheden niet kan verklaren
Achter een groene bosschage zie ik een ijzeren bankje
Het voelt koud aan als ik erop ga zitten Met mijn mond imiteer ik het rietje van de trompet,
en met een balpen strijk ik over de ijzeren stangen
Het lijkt wel alsof ik dezelfde persoon ben,
de trompettist en de gitarist op het tuinbankje.
Weer een tegenstrijdigheid.
Plots is alle geluid door de ijle lucht gevangen,
daalt de zon traag in een gloed van stilte,
wiegen schaduwen zacht tussen de parkbomen
Mijn ogen sluiten zich, genietend van de nachtelijke naklanken
Reacties op ‘Naklanken’
Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit gedicht, een reactie plaatsen kan hieronder!
