Het podloodje
Op een bank in het park neem ik een potloodje waar,
roerloos in opkomend zonlicht
Wie heeft het laten liggen, wie heeft ermee geschreven
Is het vergeten of met opzet in mijn blikveld neergelegd
Zijn stompe uiteinde verhaalt vele geschreven avontuurlijke belevenissen
Diepe groefjes in het grafiet zijn daar creatieve vertolkers van
Zijn bezwete houten omhelzing is een indicatie van ontelbare inspanningen,
van poëtische uitdagingen of alledaagse boodschappenlijstjes
Tussen de bankplanken steekt een papiertje zichtbaar uit
Door grip van de wind, lijkt het op verwoordde golfjes over verweerd hout
Aan beide zijden beschreven met mysterieuze tekens,
als vage sporen van een vergeten taal
Merkwaardig is dat elke teken in een andere kleur schittert
Voorzichtig trek ik het blaadje uit de spleten,
in de hoop geheimen te ontrafelen
Door de regen vormen sommige tekens een treurig grijs vlekje
Ik strijk het verkreukelde papiertje glad, hopend dat de vouwen geen geheimenissen uitwissen
Ik neem.plaats naast het potloodje en laat het velletje in de zon drogen
Reacties op ‘Het podloodje ’
Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit gedicht, een reactie plaatsen kan hieronder!
