Hangende lantaarn
Een solitaire saffierblauwe hangende lantaarn
is bevestigd aan een groengrijs gelakte houtpaal
In daggloren overziet hij onafgebroken een door dags licht bestreken binnenweg
Zelfs een voorheen verlaten kunsttempel heeft hij in vizier
Sinds kort is de dorpsweg doodlopend,
zijn alle verblijven verlaten
Zodra een windje opsteekt is gebroken glasgerinkel hoorbaar
Hier en daar zijn straat- en stoeptegels verdwenen
Bij regen kringelen golvend kleine en grotere plassen
Soms staat de hele binnenweg blank, een modderrivier nabootsend
In avondstilte ontbrandt de lantaarn een lichtgeel licht
Hij projecteert dan een lichtcirkel, die zelfs in het straateinde is te zien
Bij landwindse luchtstromen slingert deze door de hele heerweg,
waterplassen voortdurend verlichtend en verduisterend
Reacties op ‘Hangende lantaarn ’
Er zijn nog geen reacties geplaatst bij dit gedicht, een reactie plaatsen kan hieronder!
