1001 Gedichten

1001 gedichten

Zet ook uw gedichten op 1001Gedichten.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Korte verhalen check: Op de rand

1
datum 17-05-12 15:56
startpost
sharingan
avatar Berichten: 45
Een gil!

IJzig en vol pijn. Het geluid komt van achter me. Zij is het! Ik draai me met een ruk om en begin weer te rennen. Weg van bas. Hij moet maar wachten. Hij begrijpt het wel. Weet dat zij voor gaat. Dat is altijd zo geweest.
Er verschijnt een beeld in de lucht. In het zwarte verschijnt een beeld. Alsof er een film speelt in het niets. Eerst is het beeld onscherp. Ik kom langzamer dichterbij. Dan zie ik de gebeurtenis opeens heel scherp.
Zijn vlakke hand slaat tegen haar slaap. Haar ogen rollen naar boven en ze valt van de trap. Ik zie mezelf geschokt reageren.
Mijn ogen wijd open gesperd en mijn mond half open. Ik hoor mezelf ‘nee’ roepen. De roep gaat over tot gegil. Ik blijf eerst een tijdje toe kijken hoe ze de trap af rolt. Pas als ze met haar hoofd tegen de trapleuning aan slaat, kom ik in beweging.
Terwijl ik zelf het gevoel had dat ik meteen achter haar aan was gegaan.
Ik zie mezelf naast haar op de grond zakken.
Het beeld schiet omhoog en ik zie hoe hij reageert op de situatie die hij zelf heeft veroorzaakt.
Zijn ogen staan groot van schrik. Hij balt zijn handen tot vuisten en bijt op zijn rechter knokkels. Hij begint te hyperventileren en grote tranen stromen over zijn wangen. Voor hem is de schok veel groter dan voor mij was. Hij heeft ook veel langer nodig om zich te herstellen.
Er ontsnapt hem een kreet. Die had ik niet eens gehoord. Hij slaat zijn vuist tegen de muur. Zijn spieren staan strak gespannen. Hij slaat 1 keer 2 keer 3 keer.. net zo lang tot zijn knokkels hevig bloeden.
Ik steek mijn hand uit. Ik wil hem aan raken. Hem troosten. Troosten om zijn verdriet.
Mijn hand raakt het beeld. Ik schreeuw het uit van de pijn. Zware steken gaan door mijn vingers. Ik trek mijn hand snel terug. Het beeld flikkert wat en verdwijnt. Er is alleen nog maar zwart. En pijn. Ik heb het gevoel dat mijn vingers in brand staan. Ik krijs het uit van de pijn.
Ik stel me voor hoe een mes mijn vingers een voor een van mijn hand snijdt. Ik wil dat het stopt. Dat het ophoudt. Ik had nooit verwacht dat een mens zo veel pijn kon voelen. ‘Seren’

BAS!

Help me. Ik stop mijn vingers in mijn mond in de hoop dat het de pijn wat verlicht. Maar het werkt niet. ‘help me’ mijn stem klinkt zo zwak vol pijn. Alsof het van verre komt.
Iets pakt mijn pijnlijke hand. Er gaat een schok door heen. ‘bas’ zeg ik. Er wordt zacht in mijn hand geknepen.
Het is een bemoedigend kneepje. Ik knijp terug. Niet weggaan. Ik hou van hem. Het voelt alsof de liefde die ik voor hem voel de pijn in mijn vingers verlicht. Ik wil bij hem zijn. Zijn armen om me heen hebben. En kunnen huilen bij hem.
‘Serennity.’ Het is haar stem. Ze klinkt zo lief. Ik hou van haar. Mijn kleintje. Ze verdiende het niet. Het had nooit mogen gebeuren. Ze had nog een heel leven voor zich. Ze had nog zoveel kunnen doen. Moest nog zoveel mee maken. En hij heeft het haar allemaal afgenomen. Alles kapot gemaakt.
Er verschijnt een licht puntje in de verte. Het komt steeds dichterbij. Het is Ann. Als of ze licht geeft. Een engel.

Mijn engel

Ze opent haar armpjes. Haar haar is zoals altijd ingevlochten. Ze draagt haar gewone kleren. Een stoere look.
Ze was absoluut niet zo’n huppelkutje. Ze zag er stoer uit maar had een hart die open stond voor alles en iedereen. Niemand was slecht in haar ogen.
Ik glimlach naar haar. En strek ook mijn handen naar haar uit. ‘kleintje’ mijn stem klinkt wat gebroken. Maar dat maakt me niet uit. Ze loopt in mijn armen en ik sluit ze om haar heen. Ik druk haar fragiele lichaam dicht tegen me aan. Niet meer van plan haar los te laten.
Ze klemt zich stevig aan me vast. ‘ik ben bij je’ fluistert ze. ‘dat weet je toch?’ ik kan alleen maar zachtjes knikken. Ik kus haar hoofdje.
Zo blijven we een tijdje staan. Hoe lang, is me niet bekent. Tijd speelt geen rol. Maar voor mij was het te kort. Veels te kort. Ann maakt zich voorzichtig los uit onze omhelzing. En kijkt me aan. Ze ziet er zo gelukkig uit.
‘het wordt tijd grote zus, voor jou om weer terug te gaan.’ze houdt haar hoofdje een beetje schuin en glimlacht liefjes. Maar ik snap haar niet. Ben ik niet dood dan? Is dit nog niet het einde?
Naar boven

1

Reageren op: Op de rand

Reageren is alleen mogelijk als u ingelogd bent, klik hier om in te loggen. Heeft u nog geen account? Klik dan hier om u te registreren.