1001 Gedichten

1001 gedichten

Zet ook uw gedichten op 1001Gedichten.nl

Heeft u nog geen account? Meld u gratis aan!

Gedichten check: Stukje uit mijn boek/verhaal

1
datum 09-07-09 11:56
startpost
katink
avatar Berichten: 923
Omdat Marco zei dat ik ook maar eens een stukje moest laten lezen, doe ik dat maar. Het eerste stukje wilde Marco, het tweede heb ik zelf uitgekozen. Ik ben benieuwd wat jullie ervan vinden!

Liefs.



Eten…het woord alleen al. Het blijft me dwarszitten. Ik zie overal hoe mensen eten, eventjes snel, zonder erover na te denken. Of ze genieten er echt van. Zonder dat ze weten hoeveel calorieën er inzitten. Zonder dat ze zich druk maken of het wel kan, of ze er niet dik van worden. Zonder dat er iemand in hun hoofd schreeuwt dat ze nooit dun worden. Zonder Ana. Maar zij zijn dun, ik niet. Zij hebben Ana niet nodig, ik wel. Als ik straks dun ben, kan ik ook zo eten. Maar word ik wel dun genoeg? Is het ooit eens goed? Als ik m’n streefgewicht heb gehaald, ben ik dan wel tevreden en gelukkig met mezelf? Zoveel vragen die maar door m’n hoofd blijven spoken… en ik krijg er geen antwoord op. Hoewel ik eigenlijk het antwoord wel weet. Ik word niet gelukkig met Ana, ik zal nooit tevreden met mezelf zijn. Zoals m’n moeder zei: het zit in m’n hoofd. En ergens weet ik wel dat het waar is, ik wil het alleen niet weten. Ik zie mezelf als dik. En als dat niet zo is, dan is er iets mis met mij. Ja, dat is al zo, Ana is niet normaal. Maar ik wil niet anders zijn. Dat ben ik nu, maar dat blijf ik niet. Straks zal ik weer gewoon gelukkig zijn en kunnen genieten van het leven. Zoals alle meiden van mijn leeftijd. Ik weet ook wel dat het leven dan heus niet altijd leuk is, er zal ruzie blijven, en verdriet, maar minder dan nu. Ik hoop dat ik er dan beter mee om kan gaan. Dat is waar ik naar streef. Aan de ene kant is het mijn ideale gewicht waar ik naar streef, maar aan de andere kant ook het geluk. En die combinatie gaat niet samen, dus moet ik een keuze maken. Dat heb ik al gedaan. Ik wil gelukkig worden. En dan zal ik ook tevreden met mezelf zijn, en met m’n gewicht. Ana zal dan uit mijn hoofd zijn. Ik zal een gewoon leven hebben. Ik moest laatst op therapie een dag uit mijn leven beschrijven, zoals ik wil dat het er over een jaar uitziet;

“Voorjaar 2010

Het is woensdag vandaag. Ik word wakker van de wekker. Het is nog maar 06.15, ik kan nog wel eventjes blijven liggen. Ik heb nog geen zin om eruit te gaan. Het is zo lekker warm in bed, daar wil ik nog even van genieten. Ik val weer in slaap. Om half zeven komt m’n vader binnenstormen; “Katinka, het is al half zeven, snel, je komt te laat!” Ik mompel even wat dat ik er zo aankom. Ik zal wel moeten, ik heb geen zin om te laat te komen. Als ik dan eindelijk uit m’n bed kom schiet ik in m’n kleren en loop naar beneden. Snel ga ik even ontbijten. Nog even naar de badkamer om me helemaal klaar te maken voor school, en dan moet ik ook echt weg. Melissa is al tien minuten geleden vertrokken, maar ik moet ook echt weg. Snel loop ik naar buiten en bind m’n tas op mijn fiets. Nog eventjes m’n telefoon pakken en dan kan ik gaan. Ik zeg m’n moeder gedag en geef onze poes Kim een knuffel. Dan stap ik op m’n fiets en rij weg. Zo kom ik, zoals elke ochtend, door het dorp, langs het fruitbedrijf en door Ingen. Ik heb mijn zusje en haar vriendinnetje al lang ingehaald, maar had geen tijd om bij hen te blijven, ze fietsen niet zo snel en ik moet nog langs mijn vriendin waar ik altijd mee naar school fiets. Als ik bij haar kom, staat ze gelukkig nog niet te wachten. Ze komt naar buiten, en we kunnen gaan. Haar moeder komt me ook nog even gedag zeggen, ze is heel aardig.
Op de fiets heb ik het met mijn vriendin over van alles, zoals altijd, school, cijfers, vakantie, dansen. We dansen nu allebei niet meer bij onze oude balletschool, maar samen in Tiel, bij een leuke dansschool. We doen klassiek maar ook jazz.
Op school aangekomen ga ik zoals altijd eerst naar m’n kluisje. Ik heb zo meteen Engels, Latijn en biologie.
De lessen verlopen normaal, net als altijd. Dan is het pauze. Eerst weer naar m’n kluisje. Ik heb zo twee uur gym, maar moet even m’n eten pakken. Ik ga met twee (andere) vriendinnen naar het studiehuis om gezellig bij te kletsen met hen. Ik zit niet meer bij alle vakken bij hen in de klas, zoals vorig jaar, omdat zij een ander profiel hebben. Een vriendin, die waar ik vanochtend mee naar school fietste, komt nog langs en blijft even praten. Ze vraagt of ik vanmiddag zin heb om mee naar het dorp te gaan, ze moet nog nieuwe gymschoenen hebben en dan kunnen we een ijsje eten bij de snackbar waar ik werk. Natuurlijk zeg ik ja, mijn vriendin is een schat en het is altijd super gezellig met haar. De bel gaat. De pauze is alweer om. Ik loop nog even langs m’n kluisje om m’n gymspullen te pakken en dan naar de gymzaal. We gymmen in zaal 1. Daar is een klimwand, dus dat zullen we ook wel weer gaan doen. Ik niet, ik vind het doodeng. Ik doe dat nooit meer. Als ik in de gymzaal aankom zie ik een danslerares staan. Leuk, we gaan weer dansen. Ik weet nog van vorig jaar, toen ik in de derde zat, dat we ook gingen dansen, een superleuk dansje, waar we uiteindelijk wel een 9 voor hadden. Als de leraar uitlegt wat de bedoeling is, wordt alles duidelijk. Je mag kiezen tussen dansen, klimmen, voetbal of hockey. Lastige keuze, dansen en hockey is allebei leuk, maar ik kies toch echt voor dansen. We dansen op leuke muziek, we krijgen een soort workshop. Omdat er maar vier mensen voor het dansen hebben gekozen is het heel gezellig. Natuurlijk maakt de vrouw die de workshop geeft weer uitgebreid foto’s, zoals ze ook doet op de excursies. Maar dat ben ik gewend, van haar en van thuis ook.
Dan is het weer pauze en het gaat ongeveer hetzelfde als in de eerste pauze. Gewoon gezellig. Nog even de stof voor een toets natuurkunde doorkijken voor zo meteen, maar ik heb goed geleerd dus dat komt wel goed.
De pauze is alweer voorbij. Ik eet nog even het laatste stukje brood op voor ik het lokaal in ga, maar dan ben ik ook klaar voor de toets. Ik maak hem best goed, voor m’n gevoel. Ik zal volgende week wel het cijfer krijgen, of ik moet even op internet kijken. Ik zie wel.
Ik ben uit, heerlijk. Ik heb niet veer huiswerk voor morgen, die paar opdrachten voor scheikunde doe ik vanavond wel. Eerst met die vriendin naar het dorp. Al snel vinden we leuke gymschoenen voor haar, maar we blijven nog even lekker slenteren door het dorp. Natuurlijk nog even langs de snackbar, een ijsje halen. Heerlijk softijs hebben we in de winkel. Ik wist het, ik word nog steeds geplaagd met m’n ijsjes. Hoewel het best redelijk gaat nu. Ik ga zaterdag gewoon weer bij de friet staan. Als ik op m’n horloge kijk zie ik dat het al half vijf is, ik moet naar huis, huiswerk maken. Ik fiets gezellig met m’n vriendin naar huis, de berg over, op de pont en door Ingen. Het laatste stuk fiets ik alleen, maar dat vind ik niet erg, ik luister naar de muziek van m’n mp3-speler.
Als ik thuiskom, drink ik eerst even wat, met een koekje, gezellig met m’n moeder. Dan moet ik echt aan m’n huiswerk beginnen. Het is niet zo heel veel, maar het moet wel eventjes gebeuren. Na drie kwartier ben ik met alles klaar, en ga ik maar vast tafel dekken. Hoeft m’n zusje dat niet meer te doen, mag zij afruimen. Daarna ga ik nog even trampoline springen met haar. Het is echt mooi weer, jammer dat we nog niet kunnen zwemmen, maar ik heb ook geen zin om het zwembad weer helemaal schoon te gaan maken…Dan gaan we eten. We eten spinazie, wat ik erg lekker vind. Ik eet dan ook veel vandaag, maar dat maakt niet uit. Ik kan het wel hebben. Onder het eten is het gezellig, m’n vader is op tijd thuis vandaag, dus we eten met z’n vieren. Na het eten ga ik nog even naar boven, even msnen met m’n vriendje, een vriendin en m’n nicht.
Het is heel gezellig met iedereen (zoals altijd), maar ondertussen wel half tien. Ik spring onder de douche en duik m’n bed in. In bed kijk ik nog even tv, CSI Miami en Bones, en dan zet ik m’n wekker aan en val in slaap.”

Dit is waar ik naar streef. Zo’n dag wil ik echt, over een jaar. Ik heb zin in volgend schooljaar. Dan heb ik allemaal leuke vakken waar ik zelf voor gekozen heb. Ja, dat zie ik wel zitten. Alleen dit jaar afmaken wordt een probleem als ik nu niet aan m’n huiswerk ga. Maar het zit er bijna op, nog eventjes toetsweek en dan is het klaar…



(...)


Ik weet niet hoe het komt, maar alles wat er met m’n moeder gebeurd is, komt terug. Het is nu al ruim zes jaar geleden, en toch zie ik alles nog precies voor me, ik weet alles nog precies. Alles klopt nog, alleen de tijdsbepaling niet. Tussen de verschillende gebeurtenissen zat ongeveer drie maanden, maar in mijn gedachten, mijn geheugen lijkt het allemaal niet meer dan drie weken.

Het was een zonnige vrijdagmiddag. Ik was negen, mijn zusje zes. Mijn vader was even weg, mijn zusje moest naar zwemles. Mijn moeder was in de tuin aan het bellen, ze had een vriendin aan de telefoon. Ik was gewoon wat aan het spelen. Ik luisterde met een half oor met het telefoongesprek van m’n moeder mee, maar het interesseerde me niet echt. Ineens begon mijn moeder raar te praten, haar mond trok scheef weg, ze kwam niet meer uit haar woorden. Ik maakte me zorgen, maar het kwam vast omdat ze moe was. Dat vertelde ik mezelf, om niet overstuur te raken. Het telefoongesprek was afgelopen. Mijn vader belde. Mijn moeder nam op, maar praten ging zo lastig. Haar hele gezicht was scheef weggetrokken. Ik nam de telefoon over, maar durfde niks over m’n moeder te zeggen. Het was kijkles bij het zwemmen van m’n zusje, of we ook kwamen. Ik met m’n moeder naar het zwembad. Daar ging het praten echt niet meer. Mijn vader moet ontzettend geschrokken zijn, maar daar lette ik op dat moment niet op. Ik was de enige die m’n moeder nog kon verstaan. Ik was een soort tolk, omdat ik als enige haar begreep. Zelfs mijn vader niet. Mijn zusje was hier nog te jong voor. Mijn vader wilde de dokter bellen, mijn moeder niet. Hij belde toch. De arts zei dat het waarschijnlijk kwam doordat m’n moeder erg moe was. Dat rust haar goed zou doen, dat het wel weer weg zou trekken. Maar het trok niet weg, het bleef. Ze bleef slecht praten en scheef.
Het was, ik weet het niet, maar in mijn gedachten een week verder. Mijn moeder kon weer iets beter praten, maar nog steeds niet echt. Het was ondertussen zondag, een week later. In mijn gedachten in ieder geval. Hoeveel verder we werkelijk waren, weet ik niet. De hele kamer zat vol visite. We hadden een tafeltje in de kamer staan, wat ooit van een kinderstoeltje was. Altijd zaten mijn zusje en ik erop, en altijd ging het goed. Iedereen zat erop, stond erop, er gebeurde niks, niemand viel. Behalve mijn moeder. Een tafeltje van nog geen vijftig centimeter hoor. Wat er nou precies gebeurde weet ik niet. Mijn zusje zat op het tafeltje, mijn moeder ging ernaast zitten. Ze viel. Ik heb een tijd gedacht dat het kwam omdat mijn zusje opeens opsprong, maar ze ging naast het tafeltje zitten. Ze kon niet meer opstaan, ze kroop naar de bank en ging daar in een hoekje zitten. De kamer zat nog steeds vol visite. Mijn moeder moest naar het toilet, maar ze kon niet. Pas als iedereen weg was. Eindelijk was iedereen weer naar huis, en met heel veel moeite ging mijn moeder, samen met mijn vader, naar het toilet. Ik hoor haar nog steeds schreeuwen van de pijn. Het gevolg van de valpartij: een gebroken rug. Haar heilig been was gebroken. Maar dat wisten we niet. Naar de huisarts, die mijn ouders vertelde dat het een beetje gekneusd was. Ergens in de week daarna moest mijn moeder naar het ziekenhuis voor haar nieren. Ze zou later eraan geopereerd worden. De arts daar vond het met die rug toch niet best en liet foto’s maken. Het was toch gebroken.
Ik weet niet hoeveel tijd ertussen heeft gezeten, maar niet heel veel. Want toen mijn moeder geopereerd moest worden aan haar nieren, had ze nog steeds ontzettend last van haar rug.
Donderdag. Mijn moeder was woensdag’s in het ziekenhuis opgenomen voor de operatie. Donderdagochtend is ze geopereerd. In de week van de avondvierdaagse. Mijn moeder wilde niet dat wij zouden komen, omdat ze er niet lekker uitzag na de operatie en wij nog jong waren. Maar we gingen wel. Helemaal trots, dat we onze medaille voor de avondvierdaagse gehaald hadden.
Heel veel weet ik niet meer uit die tijd dat ze in het ziekenhuis lag. Alleen dat we er elke dag heen gingen. Mijn zusje en ik waren met mijn vader naar de dierentuin geweest en we mochten een kaart kopen voor onze moeder. Wat voor één mijn zusje er had weet ik niet meer. Ik had er één met een klein ijsbeertje erop. En wat ik nog wel weet, is dat mijn lievelingstante in het ziekenhuis was.
Mijn moeder kwam weer thuis. Ze lag in een ziekenhuisbed midden in de kamer. We hadden thuiszorg, wat geen succes was. We konden die zomer niet op vakantie. Ik vond het vreselijk, want we gingen elk jaar naar Griekenland. Maar dat jaar niet. Het zou de eerste zomervakantie voor mij zijn dat we niet weggingen. Vreselijk. Maar het viel mee. Omdat wij in de zomer echt niet weg konden, mochten we in de herfstvakantie twee weken langer weg. Een week ervoor, een week erna. Toch naar Griekenland dat jaar, naar Rhodos. We zijn in de zomervakantie wel weggeweest, een weekje naar een huisje in Drenthe. Ik mocht het tegen niemand zeggen, want dan mochten we in de herfstvakantie niet weg. Het huisje in Drenthe..ik zie het nog zo voor me. Onze schoenen die in het smalle halletje stonden als mijn zusje en ik buiten gespeeld hadden. Echt veel konden we niet doen, want mijn moeder liep op krukken. Ik wilde het ook proberen, en na een paar keer vallen kon ik het ook. Trots was ik daarop. Iets wat nu raar klinkt, maar ik was negen en het was leuk om eventjes op krukken te lopen. We hebben in dat weekje een hoop spelletjes gedaan, omdat we niet veel konden.
En nu, ruim zes jaar later, kan m’n moeder weer praten, weer gewoon lopen. Ze is sneller moe, sneller boos. Soms trekt haar gezicht nog scheef weg. Maar het had veel erger kunnen aflopen. De operatie had er niks mee te maken, maar dat ze haar rug brak wel. Dat alles, het niet – praten, het scheve gezicht, en dat ze naast het tafeltje ging zitten in plaats van erop en dus viel en haar rug brak, kwam allemaal door hetzelfde, ene ding: een herseninfarct.

Dit heeft ontzettend veel indruk op mij gemaakt, als klein meisje van negen. Ik deed redelijk veel in huis ineens, en het was gewoon anders dan ik bij vriendinnetjes zag. Ik ben blij dat het nu voor het grootste deel weer over is, want het zou ook kunnen dat mijn moeder nu niet meer normaal kan praten, of bijvoorbeeld niet meer zou kunnen lopen. Of dat ze er helemaal niet meer zou zijn nu…
datum 09-07-09 14:23
reactie 1
MiekieMouse
avatar Berichten: 435
Ik vind het prachtig maar dat wist je al
Als het uitkomt ga ik hem zeker kopen.

xxx
datum 09-07-09 17:58
reactie 2
Verwijderde gebruiker
avatar Berichten: 904
Jezus Katinka...
Dit heb je wel heel erg goed opgeschreven, mijn verhaal valt een beetje in het niets zo.

Ik duim voor je, het wordt vast wel uitgegeven!

Liefs,
Roos
datum 09-07-09 19:54
reactie 3
katink
avatar Berichten: 923
Dank jullie...vooral dat laatste stukje is erg heftig natuurlijk...ik hoop zo dat het uitkomt, dat ik mijn verhaal met andere kan delen en er mogelijk andere mee kan helpen...

Hieronder nog een stukje, wat ik net heb geschreven, voor degene die geinteresseerd zijn...

Liefs, x.




Ik ben mijn kamer aan het opruimen. Iets waar ik niet van houd. En dan sta ik ineens met dat ene ding in mijn hand, wat echt in het kastje moet. Het kastje wat wel in mijn kamer staat, maar waar ik al weken niet meer in ben geweest. Ik weet wat erin ligt. Maar ik wil het niet zien. Ik durf het niet te zien. Nu moet het. Ik kijk naar het kastje wat aan de andere kant van mijn kamer staat. Het idee dat ik straks misschien datgene zie wat ik al zo lang verborgen houd voor mezelf maakt me doodsbang. Ik voel een doffe hoofdpijn opkomen en mijn slapen kloppen. Het moet, ik wil niet. Heel langzaam loop ik naar de andere kant van mijn kamer. Alsof ik het uit kan stellen, alsof het dan minder erg is. Als ik bij het kastje aankom doe ik, na lang twijfelen, toch het deurtje open. Ik moet wel. Ik kan niet alles verborgen houden. Ik leg mijn papieren die ik daar in dat ene bewuste kastje op moet ruimen op de plank, en wil de andere kant opkijken. Maar het kan niet. Ik zie de schriften, boekjes, plaatjes. Ik voel tranen opkomen. Ik twijfel en dan pak ik het groene schrift. Een jaar geleden, mijn eerste Ana – schriftje. Ik lees alles door, alles wat erin staat over Ana. De calorieën van verschillend voedsel en drinken. De lijst met verboden eten. De tranen stromen over mijn wangen en ik proef het zoute water in mijn mond. Alle calorieën die ik niet hoef te lezen, maar waarvan ik het toch doe. Ik heb het niet nodig want het zit precies in mijn hoofd. Ik sla de bladzijde om. Tekeningen, plaatjes, foto’s van perfecte mensen, van mezelf. Bij die ene foto van mezelf, waar overal bij staat geschreven wat er dunner, mooier, beter moet. Al die perfecte mensen, zo mooi, zo dun. Ik moet dit nu niet lezen, maar ik kan niet meer stoppen. Ik wil weer terug naar Ana als ik dit lees. Als ik deze plaatjes zie, weet ik weer waarom ik voor Ana heb gekozen. Omdat ik ook zo wil worden. Zo kan worden, met hulp van Ana. Nog een bladzijde verder. Mijn eetdagboek, mijn pillenlijst. Precies een jaar geleden heb ik 12 laxeerpillen geslikt. Niet ontbeten, geen lunch, anderhalf aardappeltje, en twaalf sperziebonen als avondeten. Drie koppen groene thee gedronken, anderhalve liter water. Niet veel meer dan wat ik vandaag op heb. Het enige verschil is dat ik nu geen laxeerpillen meer slik. Nog een bladzijde verder. De 10 geboden van Ana, die ik allemaal uit mijn hoofd ken. Maar toch lees ik ze door, niet één keer, niet twee keer, maar tien keer, misschien nog wel vaker. Ze moeten beter in mijn hoofd komen. Ik moet me er beter aan houden. Ik hoor dat Ana ze in mijn hoofd schreeuwt tegen me. Mijn hoofd bonst nu nog pijnlijker. De geboden, gezegdes schieten door mijn hoofd en plaatjes en foto’s van zulke perfecte mensen flitsen voor mijn ogen. Als je niet dun bent, ben je niet aantrekkelijk. Dun zijn is belangrijker dan gezond zijn. Je moet kleren kopen, laxeermiddelen gebruiken, verhonger jezelf, doe iets om dunner te lijken. Eet niet zonder jezelf schuldig te voelen. Je zult geen dikmakend voedsel eten zonder jezelf daarna te straffen. Je zult calorieën tellen. Wat de weegschaal zegt, is het belangrijkste. Gewicht verliezen is goed, aankomen is slecht. Je kan nooit te dun zijn. Dun zijn en niet afvallen zijn tekens van succes. Ik zak op de grond neer, mijn tranen stromen nog steeds. Ik voel me duizelig worden, en weet dat ik moet stoppen met dit. Maar ik kan het niet. Ik blijf naar de perfecte mensen kijken, naar de geboden van Ana luisteren. Mijn hoofdpijn neemt toe, mijn duizeligheid neemt toe. Ik probeer op te staan maar dan stort ik helemaal in. Het wordt zwart voor mijn ogen en ik zak in elkaar. Als ik even later weer bijkom kan ik niks anders dan huilen. Mijn hele lichaam ligt op de grond te schudden en te trillen. Ik weet nog steeds niet hoe het zover heeft kunnen komen. Het ging zo goed, Ana werd minder, tot dit gebeurde. Ik ga weer zitten, maar alweer, voor de tweede keer in tien minuten wordt het zwart voor mijn ogen en val ik weer op de grond. Het duurt volgens mij iets langer dan de vorige keer voordat ik bijkom. Ik weet het niet precies. Ik weet alleen dat dit niet is zoals ik het wil. Dit is niet zoals ik wil leven. Maar hoe ik hier vanaf kom…? Ik weet het niet. Ik weet niet hoe ik verder moet leven zo…
Naar boven

1

Reageren op: Stukje uit mijn boek/verhaal

Reageren is alleen mogelijk als u ingelogd bent, klik hier om in te loggen. Heeft u nog geen account? Klik dan hier om u te registreren.