Korte verhalen check: Schuld
|
startpost
|
|
|---|---|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
Ik wacht. Ik wacht niet op de dag dat ik zichtbaar zal worden. Ik wacht niet op de dag dat ik verenigd zal worden, zoals het verleden en het heden verenigd kunnen worden door één enkel woord. Ik wacht niet op een woord, niet op zinnen die als een romanschrijver mij zeggen dat het allemaal goed komt. Toch wacht ik, omdat ik al zolang wacht. Ik blijf wachten bij die ene zin die mij aan mijn verleden bindt en mij vasthoud als een strik waaruit ik niet loskom. Bij een wond die steeds weer openscheurt. Ik wacht en zal blijven wachten, rustig, geduldig. Het is akelig stil in kamer 311. Ik zit bij het raam en in het enige bed dat ik de kamer staat ligt een meisje. Ik schat haar zo'n 15 jaar. Ze ligt diep in de kussen met haar ogen gesloten. Ze heeft een masker om haar mond en neus. Twee slangen zijn verbonden aan de beademingsmachine die naast het bed staat. Het gezoem van de machine daalt als een deken van rust in de kamer neer. Ik luister naar het eentonige gezoem. Het bijt zich vast in mijn hoofd. Ik wacht. Ik kijk naar haar witte gezicht een naar de grote pleister op haar voorhoofd. De pleister is rood van het bloed. Ik denk aan niets. Mijn gedachten zijn één duister gat. Ik wil niet denken ook. De volgende dag ben ik weer om twee uur in kamer 311. Het meisje ligt nog net zo stil en wit als dat ze gisteren lag, onveranderd, onaangeroerd. Alleen de pleister op haar hoofd is blijkbaar verschoond, wand deze is nu is niet zo rood als gisteren. Ik kan nu ook zien dat haar arm met het infuus is verbonden. Als een stil leven ligt ze daar. Het lijkt of ze vredig ligt te slapen. Wanneer ze wakker zal worden weet ik niet, of ze ooit wakker zal worden weet ik ook niet. Ik wacht, maar niemand weet waarop. Maar toch rij ik elke dag naar het ziekenhuis om hier bij het raam te gaan zitten. Het is het enige draadje wat mij nog met het verleden verbindt. De volgende dag zit ik weer om twee uur bij het raam. Ik kijk naar buiten. Buiten in het park voor het ziekenhuis lopen enkele mensen. Het is voorjaar en met de zon erbij is het weer net genoeg voor een wandelingetje in de ziekenhuistuin. Achter het parkeer terrein van het ziekenhuis ligt de doorgaande weg. Druk is het niet. Ik draai me om. Mijn ogen dwalen de kamer rond. De kamer begint een vertrouwde aanblik te krijgen, maar een vertrouwd gevoel geeft het me niet. De muren lijken wel te zeggen: 'Wat doe jij hier, jij hoort hier helemaal niet.' Ik kijk naar het witte gezicht in het kussen. Het lijkt nu nog witter dan anders. Opnieuw dwalen mijn ogen de kamer rond. De muren zijn kaal en wit, er hangt geen enkel schilderij aan de muur. Het enige wat kleur heeft in deze kamer is de knaloranje machine voor de beademing. Woedend ben ik, woedend op mezelf. Ik ben een grote mislukkeling. Wat zou ik graag de tijd terug draaien, kon het maar. Wat zou ik zo graag alles over willen doen. O, had ik maar, had ik maar niet zo stom geweest. Marie, wat heb ik je aangedaan, wat zul je boos op me zijn. Maar ik heb het verdient, het is mijn schuld, mijn schuld. Een week later. Het is vier uur. Ik zit nu niet, zoals anders, in kamer 311, maar ik zit op de gang in de B-vleugel van het ziekenhuis. Het is een lange, witte gang met heel veel deuren. Er hangen schilderijen aan de muur die met veel bonte kleuren en abstracte figuren het wit van de muren zou moeten breken. Het gezoem van de airconditioning is het enige wat de stilte verbreekt. Af en toe komen er een paar artsen en chirurgen langs. Ze lopen snel en hebben een verbeten blik in hun ogen. Ik reuk de typische geur van een ziekenhuis, vermengd met zweet. Ik zit hier stil te wachten op wat komen gaat. Wanneer er iets zal gebeuren weet ik niet, ik hoef het niet te weten ook, ik wacht wel. Aan het eind van de gang, kamer 203, gaat een deur open. Twee chirurgen lopen de gang op. Ik zie de ernst in hun ogen staan. Ik hoor de artsen tegen elkaar praten terwijl ze voorbij lopen. Ze lopen de klapdeuren aan het andere eind van de gang door. Als de klapdeuren dichtvallen is weer stil op de gang en ik wacht. Ik ruik nu ook een vleug van de steriele geur uit de operatie kamer. Het is warm en benauwend in de gang. Behalve het gezoem van de airconditioning is het weer stil. Na een halfuur gaat de deur van de operatie kamer weer open en lopen er twee chirurgen en een arts de gang op. Ze duwen een bed de gang over naar de lift. Aan het bed hangt nog steeds een infuus. De artsen zeggen niets tegen elkaar. De liftdeuren piepen open en het bed wordt naar binnen geduwd. Ook de artsen gaan naar binnen en de liftdeuren sluiten zich weer alsof ze zeggen willen: 'Hier heb jij niets mee te maken.' Met een draaierig gevoel van misselijkheid sta ik op en ga naar buiten. Even later rij ik het parkeer terrein van het ziekenhuis af. Het is zeven uur en ik heb nog steeds niets gegeten. Met een halfuurtje ben ik thuis. Ik haal een kant-en-klaar maaltijd uit de vriezer en warm het op. Dan ga ik op de bank achter de tv zitten. Constante onzekerheid. Zal ik mijn opdracht kunnen vervullen? Ben ik op tijd, of is er geen hoop meer. Hoe lang moet ik nog wachten? De onzekerheid maakt me soms razend, het schuldgevoel nog meer. Ik voel me machteloos. Ik wil niet meer wachten, ik wil iets doen. Ik wil mijn fouten kunnen herstellen. Ik wil sorry zeggen. De volgende morgen wordt ik om elf uur, met bonzende hoofdpijn wakker. Het beeld van de witte, stille ziekenhuisgang schiet me door het hoofd. Langzaam sta ik op, doe mijn badjas aan en loop naar beneden. Met tegenzin eet ik wat en neem wat in tegen de hoofdpijn. Dan laat ik mezelf op de bank achter de tv zakken. Ik kijk op de klok, het is ondertussen half twaalf. Om twee uur wil ik weer bij het ziekenhuis zijn. Ineens verschijnt er een grillig beeld op mijn netvlies. Als een lichtflits komt het tevoorschijn en verdwijnt het ook weer. Dan verschijnt er een volgend beeld, en nog één, en nog één. Steeds sneller en sneller gaat het. Elke keer zijn het dezelfde beelden die weer verschijnen. Met geweld probeer ik de trein te stoppen. Maar hij blijft doorrijden en gaat steeds sneller. Achter elke raampje zit een volgend beeld, ik wil ze niet zien. Ik zet de tv aan en probeer me te focussen op het beeld en de trein te laten doen verdwijnen. Het lukt niet, telkens komen de beelden terug. Opeens voel ik een snijdende pijn in mijn rechter vuist. Tegelijkertijd tijd hoor ik een enorme bons. Over mijn hand sijpelt bloed en mijn glas ligt in duizend stukjes op de vloer. Ik zak terug op de bank, sla mijn handen voor mijn gezicht en begin te huilen. Waarom? Vraag ik me steeds weer en steeds vaker af. Waarom moest dat nu gebeuren? Ik voel me machteloos. Ik heb gefaald en nu kan ik het niet meer goed maken. Wie zegt dat ik haar nog een keer kan spreken? En als dat al zou mogen zijn, zou ze dan wel met me willen praten? Langzaam vervagen mijn gedachten en boort zich een zwart gat in mijn hoofd. Het is twee uur. Ik zit nog maar net als de deur open zwaait. Een jonge vrouw, van een jaar of twintig, komt de kamer binnen. Ze kijkt verbaast op als ze mij ziet zitten. Ze loopt naar me toe en steekt haar hand uit. Wat aarzelend pak ik hem vast. 'Mevrouw Siereveld.' stelt ze zich voor. 'Sr. Hadfield.' zeg ik. Aan haar rode ogen kan ik zien dat ze net gehuild had. Ik waagde de gok, dit was mijn kans om te weten te komen. Ze woonde op kamers is Amsterdam. Ze studeerde rechten. 's Nachts sliep ik bij haar in huis. Ik hield van haar. Na een paar maanden raakte Marie zwanger. Haar ouders waren woedend en ze mocht niet meer thuis komen. Trouwen mochten we niet. Toch, omdat we allebei rooms opgevoed waren probeerden we in de kerk te trouwen. Eerst wilde de priester het niet doen. Hij zou er gezeur mee krijgen als dit bekend werd, vertelde hij. Maar voor dubbel geld zou hij het doen. We trouwden zo snel mogelijk. De baby werd veel te vroeg geboren. Marie overleefde het niet. Haar laatste woorden kan ik me nog herinneren. 'Ilan,' zei ze. 'Ik wil dat je het haar verteld.' Ik begreep wat ze bedoelde en ik heb het haar beloofd, natuurlijk heb ik het haar beloofd. Overdag moest ik werken en paste de buurvrouw op Mera. Ik kon het sterven van Marie niet verwerken. Ik begon met drinken en kwam steeds later thuis. Na twee maanden stortte ik in, een burn-out. Mera wilde ik niet meer zien, ik was boos op haar. Zij was er immers de oorzaak van dat Marie niet meer leefde? Het was haar schuld. Tijdens mijn burn-out liet ik Mera bij de buurvrouw. Hulp zocht ik niet. Op een dag stonden er een paar mensen voor de deur. Ze namen mij mee. Waarschijnlijk heeft de buurvrouw maatregelen genomen. Ik belandde in een kliniek voor verslaafden. Daar kreeg ik ook therapie. Ik was daar net twee weken toen ik bericht kreeg dat de buurvrouw gestorven was. Ik maakte een grote fout. Ik stond Mera af voor adoptie. Alles liep voorspoedig en eer er twee maanden voorbij waren zat Mera in haar nieuwe pleeggezin. Daarna heb ik nooit meer iets van haar gehoord. Ik wist niet waar ze woonde, wie haar pleegouders waren. Tot ik ruim anderhalve week geleden een krantenbericht las. Op de foto stond een meisje die me meteen aan Marie deed denken, ze leek sprekend op haar. In het krantenbericht stond dat ze in het ziekenhuis is Nieuwegein moest liggen. 'Is dit Mera Hadfield?' 'Mera Hadfield?' Ze fronst haar wenkbrauwen. 'Dit is Mera Siereveld.' Ik zucht, maar geef het nog niet op. Die gelijkenis, het kan toch niet anders? 'Zij,' en ik wees naar het meisje dat nog steeds stil in bed lag. 'Is ze geadopteerd?' Ze knikt langzaam. 'Ja,' ze heeft iets terughoudends in haar stem. 'Ik ben haar vader.' 'Ik ben de vader van Mera,' herhaal ik langzaam. |
| reactie 1
|
|
|
Patros-Fibros Berichten: 4572 |
Goed verhaal, komt er nog een vervolg? |
| reactie 2
|
|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
op dit verhaal komt geen vervolg, maar wie weet, misschien komen er nog wel meer |
| reactie 3
|
|
|
Patros-Fibros Berichten: 4572 |
Wel een paar dingetjes: 'Ik REUK' moet 'Ik RUIK' zijn Eerst lag ze nog in kamer 311 en dan gaat het verhaal opeens naar kamer 203, en dat kan mensen verwarren |
| reactie 4
|
|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
kamer 311 is gewone kamer kamer 203 is operatie kamer, sorry was misschien niet duidelijk genoeg |
| reactie 5
|
|
|
Patros-Fibros Berichten: 4572 |
Misschien zou je dat nog in de tekst kunnen zetten voor de duidelijkheid... Ga je het ook op 1001korteverhalen.nl zetten? |
| reactie 6
|
|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
jep, was ik wel van plan, maar dat duurt misschien nog even mijnouders hebben een beveiliging gezet op mijn internet moet eerst toestemming hebben voor de site waar kun jij 'ik reuk' vinden ik zie het nergens staan! |
| reactie 7
|
|
|
Patros-Fibros Berichten: 4572 |
Waarom hebben je ouders er in vredesnaam een beveiliging opgezet?! In de 6e alinea, zin 5 staat: "Ik reuk de typische geur van een ziekenhuis, vermengd met zweet" |
| reactie 8
|
|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
wist ik het maar, wist ik het maar, ik wou dat ik ze op andere gedachten kom brengen, maar helaas ik vind het echt bale! ik kan maar op een paar sites, ben al blij dat ik hier op kan straks mama even lief aankijken komt vast goed! |
| reactie 9
|
|
|
Patros-Fibros Berichten: 4572 |
En anders kun je misschien nog de instellingen veranderen die je ouders ook hebben veranderd. *Ga naar een internetsite *Klik op de subkop 'beveiliging' *Klik op SmartScreen-Filter. Daar staan de gerapporteerde/beveiligde sites en die kun je daar deblokkeren |
| reactie 10
|
|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
dat kan niet, de beveiliging zit op mijn computer, heb een wachtwoord nodig de vorige had ik gekraakt, maar deze is verdraait lastig!!! |
| reactie 11
|
|
|
Patros-Fibros Berichten: 4572 |
Misschien hebben ze het wifi-wachtwoord van jullie thuis ook als beveiligingswachtwoord ingesteld |
| reactie 12
|
|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
denk het niet maar krijg toestemming voor 1001korteverhalen en naar mijneigen profiel want die moet ook apart echt bale!!!!!!! maar ja, beter als niets! |
| reactie 13
|
|
|
Patros-Fibros Berichten: 4572 |
Altijd beter dan helemaal niks toch? |
| reactie 14
|
|
|
Verwijderde gebruiker Berichten: 55 |
tuulijk |
| reactie 15
|
|
|
jorinda Berichten: 486 |
Echt super mooi verhaal, zeer indrukwekkend. Moet je vaker doen, verhalen schrijven! |
| Naar boven | |
